Op 18 februari is het Aswoensdag en dan gaan katholieken over de hele wereld naar de kerk om het ‘askruisje’ te ontvangen. Als de priester met zijn duim een askruisje op je voorhoofd tekent, zegt hij: ‘Gedenk, mens, dat je stof bent en tot stof zult wederkeren.’ Of: ‘Bekeer je en geloof in het Evangelie’. Maar wat is eigenlijk de betekenis van dit ritueel?

In de Bijbel kun je verhalen tegenkomen van mensen die as op hun hoofd strooien. Dat is een teken van wanhoop. Ze doen dit omdat ze in een crisis zitten: er is hen iets heel ergs overkomen of ze zijn tot het inzicht gekomen dat hun levensweg doodloopt. Maar door dat op zo’n dramatische manier uit te drukken, zeggen ze eigenlijk ook: ik kan zo niet verder, ik moet het anders gaan doen, ik wil mijn oude leven als het ware verbranden, vergeten, achter me laten en helemaal opnieuw beginnen. De as op hun hoofd markeert dus geen eindpunt maar een keerpunt, een nieuw begin.
Een kruisje van as op je voorhoofd is een teken dat het misschien anders moet in je leven, dat je dingen doet die eigenlijk niet goed zijn en dat je dingen niet doet die wél goed zijn. Er is iets meer om voor te leven dan alleen het hier en nu. En dat iets meer is: God. Hij nodigt ieder mens uit om in relatie met Hem te leven, om zijn liefde te accepteren en daardoor kind van God te worden. Dat dit mogelijk is, vieren christenen elk jaar met Pasen en daar bereiden ze zich gedurende 40 dagen op voor, vanaf Aswoensdag. Misschien ben jij ook toe aan een keerpunt in je leven, dan ben je op Aswoensdag van harte welkom in de kerk!
Pastor Lars Peetam
