Vrijwilligersbeleid Parochie Heilige Geest

 

 

1.      Algemeen

Het gezicht van de parochie wordt anno 2006 sterk bepaald door vrijwilligers en wat zij doen op het terrein van liturgie, diaconie, catechese en gemeenschapsopbouw.

Zij zijn mededragers van de pastorale zorg en van het beleid. Praktisch opereren zij  tegenwoordig in het verlengde van de professionals.

De kerken in Nederland zijn de grootste vrijwilligersorganisatie; de r.k.kerk in Nederland telt 270.000 vrijwilligers, waarvan 23.000 in het bisdom Breda.( Kaski onderzoek  2003) In de Parochie Heilige Geest zijn 477 vrijwilligers werkzaam (per 1 april 2006)  Zij hebben vele bekwaamheden, vaak in aanvulling op elkaar (1 Kor.12) Ze vervullen vele taken. Dit geldt ook voor de vrijwilligers van onze parochie Heilige Geest. Ze gaan voor in avondwaken, uitvaarten en weekendvieringen. Ze doen kindernevendiensten, verzorgen gezinsvieringen, zijn koster, lector, misdienaar of collectant. Ze maken deel uit van de klusploeg of schoonmaakgroep. Ze zijn lid van de werkgroep rouwverwerking, ouderpastoraat of van de werkgroep eerste communie, vormsel of huwelijksvoorbereiding. Ze zitten in parochiebestuur, zijn koorlid of maken deel uit van de Parochiecommissie of werkgroep diaconie. Zij zorgen dat het secretariaat open is, leveren kopij voor het parochieblad en actualiseren de web –site, of zij maken deel uit van een van de andere werkgroepen.

De motivatie van deze vrijwilligers is over het algemeen hoog; zij voelen zich verantwoordelijk voor de voortgang van de parochie. Omdat het hier gaat om zo’n grote numerieke grootheid vraagt dit ook om een structurele zorg voor vrijwilligers. Het bestuur van de parochie Heilig Geest heeft er daarom voor gekozen om  expliciet vrijwilligersbeleid te ontwikkelen.  Dit houdt in dat de zorg voor de vrijwilligers een geïntegreerd deel van de bestuurstaak is van de communicatoren van Rijen, Hulten en Molenschot. De parochie Heilige Geest heeft op deze manier per geloofsgemeenschap een portefeuillehouder voor vrijwilligerszaken.  Deze hebben speciale aandacht voor het functioneren van vrijwilligers en hun wel en wee.

Dit gebeurt door intensief contact met de Parochiecommissies die het beleid naar de vrijwilligers uitdragen.


 

2.  Intentieverklaring

 

De Gaven van de Geest  (uit de eerste brief van Paulus aan Korinthe 12, 4 -11)

 

Er zijn verschillende gaven,

maar er is één Geest;

er zijn verschillende dienende taken,

maar er is één Heer;

er zijn verschillende uitingen van bijzondere kracht,

maar het is één God die ze allemaal en bij iedereen teweegbrengt.

In iedereen is de Geest zichtbaar aan het werk,

ten bate van de gemeente.

 

Aan de een wordt door de Geest het verkondigen van wijsheid geschonken,

aan de ander door diezelfde Geest het overdragen van kennis;

De een ontvangt van de Geest een groot geloof,

de ander de gave om te genezen.

En weer anderen de kracht om wonderen te verrichten,

om te profeteren,

om te onderscheiden wat wel en wat niet van de Geest afkomstig is,

om in klanktaal te spreken of 

om uit te leggen wat daar de betekenis van is.

Al deze gaven worden geschonken door een en dezelfde Geest,

die ze aan iedereen afzonderlijk toebedeelt zoals hij wil.

 

(uit de Nieuwe Bijbelvertaling, Amsterdam 2005 pag. 2259)

 

Dit citaat uit de Korinthiërsbrief zou kunnen gelden als een soort 'intentieverklaring' voor de plaats van de vrijwilligers in de parochie Heilige Geest.

Zij is gebaseerd op de vaste overtuiging dat gelovigen elkaar van dienst kunnen zijn met inzet van de vele verschillende gaven van hoofd en hart en handen. Zij zijn op elkaar aangewezen als de ledematen van één lichaam (1 Kor.12, 12) en vormen samen hier ter plaatse de kerk van Jezus Christus.

Elke vrijwilliger brengt zijn eigen mogelijkheden mee, heel verschillend vanuit aanleg, ervaring, opleiding beroep en deskundigheid. Bovenstaand citaat is ook bedoeld als een oproep aan de parochie de inzet van velen binnen de geloofsgemeenschap te  waarderen.

 

Bijbelse uitgangspunten vormen ook de grondslag van de theologische visie op kerk-zijn zoals die beschreven wordt in de dogmatische constitutie over de kerk van het tweede Vaticaans Concilie. Deze constitutie 'Lumen Gentium' genaamd, benadrukt dat alle gelovigen op grond van hun doopsel en vormsel een taak hebben in de opbouw van de geloofsgemeenschap en daarbij ook in de zorg voor de ander. Het pastoraat is niet exclusief de taak van de pastores maar vindt plaats in de gemeenschap, waar gelovigen zich samen verantwoordelijk weten voor de pastorale zorg. Op grond van hun pastorale opdracht brengen pastores hun eigen kennis en deskundigheid in.

 

Bijbelse uitgangspunten vormen ook de basis van de diaconale grondhouding van onze parochie: de kerk moet charitatief en diaconaal herkenbaar zijn.

In Lucas 10, staat het verhaal van de barmhartige Samaritaan. Uit dit verhaal blijkt duidelijk dat een mens de naaste is van ieder. De instructie die daarop volgt, laat geen twijfel: “Doe dan voortaan als hij ( Lucas 10, 37)

Concreet betekent dit dat het eigene van het kerkelijk vrijwilligers- werk in een diaconale grondhouding ligt. Het is een speerpunt: dienstbaar zijn aan anderen in de breedste zin van het woord,  dit betekent dat er mensen zijn voor mensen, concreet en toegewijd omdat zij deelhebben aan hetzelfde leven en beelddragers zijn van dezelfde God


 

Bovengenoemde bijbelse en theologische 'intentieverklaringen' vormen het uitgangspunt voor onze manier van kerk - zijn, zoals die gegroeid is in onze parochie:

 

In onze parochie gaan we uit van een charitatieve, diaconale grondhouding en van  gezamenlijk gedragen verantwoordelijkheid. De vrijwilligers nemen binnen de organisatie van onze parochie een heel belangrijke plaats in. Zij bepalen mede het beleid en hebben een eigen taak en verantwoordelijkheid. De vrijwilligers zijn op vele terreinen en op verschillende niveaus in onze parochvanie werkzaam: in werkgroepen, Parochiecommissies, parochievergadering en parochiebestuur. Zij zijn ook een belangrijk steun en aanspreekpunt voor de plaatselijke geloofsgemeenschappen.

 

 

3. Van intentieverklaring naar beleid.

 

Het werk van de vrijwilligers hoort tegenwoordig tot het wezen van kerk.

Al te lang werd het werk van de vrijwilliger gezien als afgeleid van het werk van de professional. De inbreng van leken werd gerechtvaardigd door het gebrek aan pastores. Zij namen taken over die de pastor vanwege een te drukke agenda niet meer kon verrichten. Een dergelijke visie maakt de vrijwilliger tot een afgeleide van de pastor. Bovendien geeft deze visie alle arbeid van vrijwilligers een status van voorlopigheid. De noodzaak ertoe verdwijnt wanneer de pastor bij machte is zelf een bepaalde taak weer op zich te nemen. Ook speelt de eigen verantwoordelijkheid van de  vrijwilliger  geen rol bij deze visie.

 

Deze manier van denken is in onze parochie helemaal achterhaald. Het werk van de vrijwilligers wordt beschouwd als het fundament onder een huis. De kerk zonder inzet van zovele vrijwilligers is niet meer denkbaar in onze geloofsgemeenschappen..

Tegelijk echter worden de grenzen van het vrijwilligerswerk zichtbaar. Het is zaak het 'bouwwerk' van vrijwilligerswerk goed te onderhouden en er zorgvuldig aan verder te bouwen, zodat mensen gemotiveerd en met plezier hun werk blijven doen. Daarom is er vrijwilligersbeleid nodig  met waardering en met aandacht voor hun welzijn. Goede

afspraken over de rechten, plichten en begeleiding zijn essentieel.

 

Tegen deze achtergrond is het noodzakelijk dat de parochie de rechten en plichten van de vrijwilligers in een statuut vastlegt en uitwerkt in een huishoudelijk reglement. 

 

Oktober 2006
 



 4.  Statuut voor de vrijwilligers in de Parochie Heilige Geest

 

Op 12 oktober 2006  heeft het parochiebestuur van de parochie  Heilige Geest, met instemming van de parochievergadering en na de Parochiecommissies en het pastoresteam te hebben gehoord, het hierna volgende statuut van toepassing verklaard met onmiddellijke ingang.

 

1.                  Ieder heeft eigen gaven en talenten ( 1Kor.12, 4-11) en al deze deskundigheid staat  ten dienst van allen (1 Kor.12) Bovendien is iedereen, op grond van het algemeen priesterschap van de gelovigen, geroepen om elk op zijn of haar manier aan de gemeenschappelijke opdracht mee te werken (Lumen Gentium)
 

2.                  Een diaconale  grondhouding moet in onze parochie duidelijk herkenbaar zijn.
 

3.                  Het parochiebestuur zal bevorderen, dat elke werkgroep  een duidelijke taak- omschrijving krijgt en dat zij de eigen doelstellingen, taken en werkwijze zo zorgvuldig mogelijk formuleert.
 

4.                  Het parochiebestuur zal ervoor zorgen dat er in de parochie duidelijke afspraken bestaan rond het werken van vrijwilligers, dat deze bekend zijn en ook onderhouden worden. Deze afspraken zijn vastgelegd in een huishoudelijk vrijwilligersreglement.
 

5.                  Het parochiebestuur draagt er zorg voor, dat de vrijwilligers zoveel mogelijk inbreng hebben bij het tot stand komen en onderhouden van het pastorale beleid van de parochie.
 

6.                  Elke geloofsgemeenschap heeft een communicator.
 

7.                  Het parochiebestuur en de pastores dragen de zorg voor waardering en erkenning van het werk van de vrijwilligers
 

8.                  Het bestuur zorgt ervoor dat alle vrijwilligers binnen hun werkzaamheden voor de parochie verzekerd zijn tegen de gevolgen van wettelijke aansprakelijkheid en dat zij tevens vallen onder een collectieve ongevallenverzekering.(Een overzicht van de door het bestuur verzekerde schaden wordt als bijlage bij dit statuut gevoegd)

9.                  Er wordt  toegezien op de wettelijke veiligheidseisen.( ARBO)
 

10.              Het parochiebestuur ziet er op toe, dat binnen de werkgroepen voldoende aandacht blijft voor verdere persoonlijke vorming en voortdurende bewaking van de kwaliteit van het werk.
 

11.              De werkgroepen regelen intern zelf hun activiteiten volgens de gemaakte werkgroepbeschrijvingen
 

12.              Voor inhoudelijke ondersteuning kan de werkgroep altijd een beroep doen op de bezielende leiding van de verantwoordelijke pastor en zij kan ook gebruik maken van de noodzakelijk geachte scholing en vorming.
 

13.              De werving geschiedt in principe door de werkgroepen zelf. Zij dragen ook zorg voor de introductie van nieuwe leden.
 

14.              De directe kosten die verbonden zijn aan het vrijwilligerswerk, mogen worden gedeclareerd. 

15.              De contactpersoon van iedere werkgroep draagt zorg voor het
 
          bijhouden van een actueel vrijwilligersbestand. Wijzigingen worden
 
           direct doorgegeven aan  de communicator of aan het secretariaat.

16.              Eventuele geschillen tussen personen of groepen kunnen worden voorgelegd aan de contactpersoon in de Parochiecommissie. Deze probeert de geschillen zelf op te lossen. Zo nodig wordt het bestuur ingeschakeld.
 

17.              Er is een vertrouwenspersoon aangesteld.

 

Oktober 2006
 



 

5. Huishoudelijk Reglement bij het statuut voor de vrijwilligers

 in de parochie Heilige Geest

 

Het statuut voor de vrijwilliger in de parochie Heilige Geest biedt de grondregels zoals die gelden voor elke vrijwilliger in de parochie. Daarnaast biedt het statuut een mogelijkheid voor een huishoudelijk reglement waarin die zaken concreter worden geregeld. Hieronder treft u aan het huishoudelijk reglement, dat de  artikelen volgt van het parochiële statuut voor de vrijwilliger.

 

 

Bij art 2:  Diaconale parochie.
Iedere groep probeert te inventariseren  hoe zij invulling geeft aan de diaconale grondhouding. Als uitgangspunt kan gebruikt worden de lijst van de zeven werken van barmhartigheid  in de vertaling naar de tijd van nu:

 “Zeven Werken van Barmhartigheid”.
 

Een mogelijke vertaling naar de tijd van nu:    

Geestelijke werken:

·         Waarden en normen aangeven in de samenleving en deze uitdragen.

·         Onderwijzen, voorlichten, ‘voer’ tot nadenken

·         Lief en leed delen, troost zijn voor anderen

·         In moeilijkheden raad geven

·         Geduldig zijn en iemand in zijn waarde laten, ook als er onrecht wordt gepleegd.

·         Vergevingsgezind zijn.

·         Bidden voor levenden en overledenen.

 

Lichamelijke werken:

·         Zorgen dat ieder mens zijn eerste levensbehoeften kan krijgen.

         (eten , drinken en kleding)

·         Gastvrij zijn, ook voor mensen die niet bij de groep horen.

·         Zorg voor de zieken.

·         Zorg voor gevangenen.

·         Afscheid van een overledenen met waardigheid verzorgen.

                                               ( uit “Naar een diaconale Parochie”

                                                         Werkgroep Diaconie 2004)

 

Bij art. 3: Werkgroepomschrijvingen.

Iedere groep beschikt over een duidelijke beschrijving van de werkgroep. In deze beschrijving komen de volgende onderwerpen aan bod:                                    

·         doelstelling

·         samenstelling van de werkgroep

·         taken

·         werkwijze

·         plaats in de organisatie

·         vereisten voor leden van de groep

·         tijdsinvestering

·         geboden wordt

Deze beschrijving wordt jaarlijks door de werkgroepen gecontroleerd en indien nodig bijgesteld.

 

Bij art. 5: Inbreng in het pastorale beleid.

De inbreng van iedere werkgroep is onderwerp van gesprek in de Parochiecommissies. De betreffende communicator draagt zorg voor waarborging van deze inbreng in de parochievergadering en bij het parochiebestuur.

 

Bij art. 6: Communicatoren

De communicatoren zijn verantwoordelijk voor de interne communicatie. Zij zullen veel aandacht hebben voor de vrijwilligers en goed luisteren naar hun signalen; want deze vormen immers “het fundament  van het huis”. De communicatoren onderhouden contacten met de Parochiecommissieemijn wijzes en zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van het vrijwilligersbeleid en stemmen dit af met het parochiebestuur en het pastoraal team.

 

Bij art.7: Klimaat van erkenning en waardering.

Het klimaat van erkenning en waardering wordt binnen de geloofsgemeenschap ingevuld op de volgende manieren:

·         Elke vrijwilliger ontvangt   ter gelegenheid van zijn/haar verjaardag een felicitatiekaart.

·         Elk jaar wordt er een vrijwilligersbijeenkomst georganiseerd: het parochiefeest.

·         Wanneer een vrijwilliger de werkzaamheden beëindigt, ontvangt deze een attentie via de contactpersoon van de werkgroep

·         Als een vrijwilliger overlijdt, ontvangt de familie een condoleancekaart.

·         Door informele contacten met pastores en bestuur wordt ook uiting van erkenning en  waardering gegeven.  

 

Bij art. 11:  De interne regeling van activiteiten:

In de werkgroep maakt men onderling afspraken over het activiteitenprogramma, de taakverdeling, vergader/werkrooster, vakantie en vervanging. Dit gebeurt aan de hand van de werkgroepbeschrijvingen.

 

Bij art. 12: Vorming en toerusting.

Er wordt geïnventariseerd welke wensen er t.a.v. scholing en toerusting leven bij de vrijwilligers. In overleg met het bestuur en het pastoresteam kan een toerustings-aanbod geformuleerd worden.

 

Bij art. 14: De onkostendeclaraties:

Op het secretariaat van de parochie liggen declaratieformulieren. Indien vrijwilligers dit wensen kunnen zij gemaakte onkosten declareren bij de parochieadminstratie.

 

Bij art. 15: Een actueel vrijwilligersbestand:

In de loop van ieder werkjaar wordt door de werkgroep  Parochiefeest  aan de contactpersonen van de werkgroepen een lijst beschikbaar gesteld met de gegevens betreffende de leden, zoals die op dat moment bekend zijn. De contactpersoon controleert deze lijst, vult zonodig aan en koppelt terug.

 

Bij art.17: De rechten en plichten van de vertrouwenspersoon  zijn vastgelegd.

 

Oktober 2006